You are from: United States, Go to our American website.

Projects Abroad

Sociaal Project in Tanzania door Chantal Antheunisse

Al mijn reisblogs ben ik begonnen met ‘het is te veel om op te noemen’ en eigenlijk kan ik daar nu ook beter weer mee beginnen.

Alweer een jaar geleden ben ik, samen met een meisje dat ik via een vriendin had leren kennen, tijdens een ‘gap year’ vertrokken naar Tanzania voor 3,5 maand. Als er één woord voor ‘super, geweldig, ongelofelijk, leerzaam, subliem, buitengewoon, fantastisch, prachtig en schitterend’ was zou ik dat gebruiken om mijn reis te beschrijven. Misschien blijkt mijn blijvende enthousiasme ook wel uit het feit dat ik nu op mijn studentenkamertje in Utrecht ‘Baba Yetu’, het Onze Vader in Swahili, aan het draaien ben. En uit het feit dat ik omringd ben door foto’s uit Tanzania, dat alle lieve kopjes van de kindertjes uit mijn weeshuis in een groot hart boven mijn bed hangen en dat ik me zo klaar ga maken voor mijn eerste les Afrikaans dansen.

Ik zou nu alle ervaringen kunnen vertellen, maar dat zou te veel zijn om op te noemen. Daarom hieronder een paar korte stukjes uit het reisdagboek dat ik bij hield.

Chantal Antheunisse

“Afgelopen vrijdag zijn we wezen shoppen! Maar nee, niet voor onszelf en niet in een verkoeld winkelcentrum met leuke winkels. Nee, Maxime en ik hebben kleertjes ingeslagen voor onze weeshuiskindjes op een hele grote, vreselijk drukke en warme tweedehandsmarkt. Je hebt kraampjes met stapels kleren waar je lekker tussen mag zoeken. Het zijn echt allemaal van die kleren die mensen uit de 'rijkere' landen opsturen. Je kijkt dan soms ook opeens heel erg op als je een 'Ralph Lauren' truitje of een Gucci shirtje tussen de stapel ziet liggen. H&M kom je trouwens ook veel tegen, wel vaak van paar jaar geleden, maar echt leuke dingen. We hebben uiteindelijk in het totaal 40 kledingstukken gekocht voor 1 euro en 40 onderbroekjes voor 50 cent.”

Chantal Antheunisse

“Onze hostmoeder kwam vandaag vragen of we niet toevallig die avond mee naar een bruiloft van haar nichtje wilden. En tegen zo'n aanbod zeg je natuurlijk geen 'nee'. Gelukkig hebben we dat ook niet gedaan, want wat heb ik hiervan genoten! We kwamen aan bij een grote zaal in onze gewone jurkjes met slippertjes/ballerina's, en iedereen zag er totaal over-the-top uit. Galajurken, prinsessenmuiltjes, felgekleurde make-up; het kon niet overdreven genoeg zijn! En dan heb ik het nog niet eens gehad over de bruiloft zelf. In het kort samengevat: 1000 gasten, mega champagneglazen met een soort van roze substantie erin, zeker drie leeggehaalde bloemenwinkels, een mooie satijnen strik om elke stoel, nep rozenblaadjes en diamantjes op elke tafel, grote tv-schermen zodat niemand een seconde kon missen van wat er gebeurde, een live band en voor iedereen een eigen fles alcohol. En dan was het geen stijve speeches, handjes geven en stijf feliciteren, nee hoor, alleen maar swingende rituelen met een hoop muziek en dans. Een totaal andere kant van Tanzania.”

“Heerlijk begin van de week… Want maandag moesten we toch maar weer met zo’n heerlijke, bomvolle dalla dalla een uurtje reizen naar ons werk. Daar aangekomen kregen we nog een plaatselijke regenbui over ons heen. Ja, dat hebben ze hier ook. Gelukkig konden we snel schuilen in een garage ofzo met allemaal andere mensen, waar we natuurlijk weer de attractie van de dag waren. Het koelt hier gelukkig wel een beetje af na een regenbui, maar het word wel onwijs benauwd, echt een drukkend gevoel op je borst. Best wel even wennen. En wat was het weer genieten om na onze 20 minuten durende wandeling van busstation naar weeshuis weer aan te komen en weer alle kindjes even een aai over hun kroeshaarbolletje te geven. We hebben dan vandaag en gisteren weer onwijs gezellig gespeeld en gekroeld met ze en we waren s' avonds weer onwijs bek af na de vermoeiende dagen die je hier maakt met het reizen en werken.“

“We moeten namelijk eerst 10 minuutjes in een bagagi (soort scooter taxi met twee wielen aan de achterkant). In de bagagi worden altijd de spiegels even gedraaid zodat de bestuurder ons goed van top tot teen kan bekijken tijdens de rit. Maar ze zijn wel redelijk vriendelijk en vooral als je netjes asante (bedankt) zegt. Dan krijg je een vriendelijke lach terug. Vervolgens moeten we een drukke weg oversteken en wachten op een dalla dalla (lokale bus). Soms maar twee seconden en soms wel een half uur. We proberen wel altijd te wachten op een bus die niet té vol is, want dan is een uur in zo'n busje helemaal ver. Ik beloof hierbij ook nooit te gaan klagen over de NS. Dat krijg je wanneer je elke dag een uur in zo'n busje uit de 18e eeuw hebt gezeten! Waar je een uur kan zitten met een mooi groot gevormde Afrikaanse kont in je gezicht. Die niet komt of wel komt en waar je ontzettend goed moet luisteren waar die heen gaat. Waar de conducteurs je met van alles proberen over te halen om in je bus te komen of waar je, als je stil staat, een liefdesverklaring door het raampje krijgt van een vreemde. Waar je altijd weer naar dezelfde onverstaanbare lokale Afrikaanse muziek mag luisteren, als ze de luxe van een radio hebben natuurlijk. Waar je een uur lang onbeschaamd wordt aangestaard en er zonder enige schaamte over je geroddeld wordt en naar je wordt gewezen. En dan niet te vergeten: de heerlijke geur die er soms hangt van kleren en mensen die bizar lang niet gewassen zijn. Ondanks dit alles is het wel elke dag weer een heel groot avontuur, waar je ongelofelijk veel Afrikaanse cultuur ziet!”

Chantal Antheunisse

“De volgende dag om 7 uur ons bed alweer uitgezweet, dus we zijn toen maar begonnen aan het olliebollen bakken. Wij begonnen vol goede moed en hielden ons braaf aan het recept waarin stond dat we 8 zakjes van 10 gram gist moesten gebruiken voor 1 kilo bloem. Bleek dat ze spraken over verse gist en wij met snelreizende gist te maken hadden, waar maar 1 zakje nodig was voor 1 kilo bloem. Onder luid gelach van de dadas (huishoudsters in ons gezin) rees het beslag dan ook binnen 1 minuut boven de bak uit. Maar we lieten ons niet uit het veld slaan, ondanks dit voorval en de onwijze, onwijze, onwijze hitte in de keuken. We begonnen gewoon met bakken. We gooiden netjes wat beslag in de pan, waarna er een soort banaanvorm met allemaal tentakels ontstond in de pan en niet een mooie bol. Wij dus lachen, en na wat uitleg wat er mis was ging de dada ons even helpen. En ja hoor, een prachtig onwijs mooi rond bolletje was het resultaat. Zij heeft er dus nog een paar gemaakt en wij de laatste, maar we hebben geen 1 oliebol zo rond gekregen als de hare. Ondanks dat we dus weer in het koken overtroffen werden, waren we erg tevreden met ons resultaat. Ze smaakten onwijs lekker (heel klein beetje gistig om eerlijk te zijn) en ze vielen goed in de smaak bij de anderen.”

Ik hoop dat dit een heel klein beetje een kijk geeft in mijn reiservaring. Zoals je ziet moesten wij aan sommige dingen erg wennen, zoals de overvolle bussen, maar uiteindelijk zijn dit de leukste herinneringen! Ik mis het daar nog elke dag, maar heb nog leuk contact via internet of brieven met lokale Tanzaniaanse mensen die we daar hebben leren kennen.

Voor mijn volledige reisdagboek kan je kijken op http://chantalantheunisse.waarbenjij.nu/.

Groetjes,

Chantal

Chantal Antheunisse

Dit verhaal is een persoonlijke ervaring van een vrijwilliger op dit project en dus een momentopname. Houd er rekening mee dat jouw ervaring hiervan af kan wijken. Onze projecten veranderen constant, omdat we inspelen op de lokale behoefte en we voortborduren op de behaalde resultaten. Ook verschillende weersomstandigheden kunnen de ervaring beïnvloeden. Lees meer over wat je kunt verwachten van dit project of neem contact met ons op voor meer informatie.

Terug naar de ervaringsverhalen

Vertel jouw vrienden over deze pagina:

Terug naar boven ▲