You are from: United States, Go to our American website.

Projects Abroad

Lesgeefproject in Vietnam door Jorien Coveen

Afgelopen juli was het voor mij zover: ik ging voor twee maanden naar Hanoi in Vietnam, lesgeven op school aan kinderen van zes tot zeventien jaar. Via Diep van Projects Abroad wist ik precies wat mij te wachten stond. Op woensdag zou ik opgehaald worden van het vliegveld en dan zou ik naar het huis gebracht worden. De volgende dag zouden we een introductie hebben op kantoor en in de stad met andere nieuwe vrijwilligers en op vrijdag zou ik de introductie op mijn school hebben. Zo ging het dan ook precies, prima geregeld.

Vanaf het moment dat ik aankwam voelde ik mij eigenlijk al thuis. Ik had behoorlijk last van de jetlag (dat heb ik altijd), dus eten ging de eerste dagen wat moeizaam, maar na vier dagen was ik helemaal op mijn plek. Normaal gesproken heb ik best last van heimwee, maar dat kende ik helemaal niet in Hanoi. Meteen werd ik opgenomen in de groep van vrijwilligers die elkaar al kenden in het huis. Met z’n allen fietsen huren en een tocht om West Lake maken, samen uit in de stad, napraten over het werk: het was super gezellig. Ook het huis waar ik voor twee maanden zou wonen beviel me prima. Fans, airco, tv; van alle gemakken voorzien. Ik had een enorm leuke introductie gehad op school. Mijn supervisor en zijn assistente waren zo aardig! Tijdens de twee maanden dat ik werkte op school heb ik ook niets anders ervaren. Alle leraren en kinderen waren zo aardig en lief en gaven me het gevoel dat ik opgenomen was in een soort familie. Ik hoorde er helemaal bij.

Jorien CoveenNormaal gesproken begon mijn eerste les om acht uur en werd ik om half 8 naar school gebracht door mijn vaste motorbike taxidriver. Toen ze mij tijdens de introductie vertelden dat ik iedere dag achterop de motor naar school werd gebracht dacht ik: ha, grapje zeker? Want het verkeer in Hanoi is één groot gekkenhuis. Maar al na twee dagen was ik eraan gewend en vond ik het heerlijk om in de wind een kwartiertje wakker te worden achterop de motor. In de ochtend (tot 10:45 uur) had ik meestal les in primary school (kinderen van 6 tot 10 jaar). Tijdens deze lessen was er altijd een lerares waarmee ik samen les gaf. Voor de kleintjes hield dit veel spelletjes spelen en woordjes leren in, bijvoorbeeld tot 10 of 20 tellen en ledematen, kleuren en dieren leren. Voor de wat ‘oudere’ kinderen in primary school kwam er al wat grammatica voorbij. Veel voor te bereiden voor deze lessen hoefde ik niet, want de leraressen hadden een vast programma waar ze zich aan moesten houden en waarmee ik ze hielp. Wel zorgde ik er altijd voor dat ik een plan B had, voor het geval er toch geen lerares aanwezig zou zijn. Van 10:45 tot 13:30 uur hadden we pauze. Direct om 10:45 uur hadden we lunch, iets waar ik altijd erg naar uitkeek. In Nederland ben ik helemaal niet zo’n grote eter, maar in Vietnam veranderde dat. Een enorm bord met rijst, vlees en groente ging er om, een voor Nederlandse begrippen, bizar vroeg tijdstip met liefde in. Al om 10 uur ’s ochtends begon mijn maag te knorren. Na de lunch werd er even nagepraat met de leraren (voor mij een rustmomentje, want dit ging voornamelijk in het Vietnamees. Vriendelijk lachen is op zo’n moment genoeg). Daarna was het ‘nap time’. Ik begreep dat de meeste vrijwilligers bij andere projecten hier niet aan mee deden, maar ik vond het heerlijk. Anderhalf tot twee uur slapen tussen de middag, daar word je toch blij van? Meestal sliep ik met een kussen op de grond, omdat dat koeler was dan op een matrasje. Ik begreep ook dat mijn school hier nogal luxe in was (het was een privé school), aangezien andere scholen geen matrasjes hadden.

In het begin van mijn project was er nog zomerschool, waardoor niet alle leerlingen op school waren en er dus lokalen leeg waren. Tijdens de eerste weken van mijn placement sliep ik in zo’n leeg lokaal samen met de assistente van mijn supervisor. Tijdens het laatste deel van mijn placement sliep ik bij één van mijn klassen. Om 13:15 uur werd er op de gong geslagen en stond ik op. Om 13:30 uur begonnen mijn lessen voor in de middag. Ik had meestal les tot 15:00 of 16:00 uur. In de middag had ik klassen uit secondary en high school. De lessen voor secondary school bereidde ik altijd voor, omdat de leraressen het vaak aan mij overlieten om de leerlingen iets te leren. Via de My Projects Abroad website had ik ideeën voor lessen uitgeprint en samen met die ideeën en mijn eigen ervaringen maakte ik lessen. Vaak waren dit rollenspellen en spelletjes met simpele grammatica of vocabularia.

Zo lang je de stof in een spel naar voren laat komen, vinden de leerlingen het prachtig. Binnen een week heb je door wat voor soort spellen de leraren gebruiken en wat de leerlingen leuk vinden. Ook de lessen voor high school bereidde ik altijd voor. De leraressen van high school waren namelijk altijd heel blij als ze mij zagen en zeiden zodra ik binnenkwam “Oh, you’re here! Perfect! Good luck!” en verlieten vervolgens het lokaal. Persoonlijk vond ik het lastiger om les te geven aan de klassen in high school dan in primary school. Tieners zijn namelijk moeilijker mee te krijgen in je lessen. Je moet eerst hun respect verdienen voordat ze naar je luisteren, en als je een klas dan maar één keer in de week hebt is dat eigenlijk te weinig. Des te groter is de uitdaging dan natuurlijk om er toch iets van te maken. Op mijn school was alles altijd tot in de puntjes geregeld. Aan het begin van de week kreeg ik een rooster en de hele week verliep precies volgens dat rooster. Als er toch een wijziging was, liet de assistente van mijn supervisor dat altijd weten. Ook als ik iets wilde veranderen aan mijn rooster kon ik dat altijd aangeven (op een gegeven moment werkte ik bijvoorbeeld 30 uur in de lessen, dus exclusief de lunchpauzes, en moest ik ’s avonds nog lessen voorbereiden. Dit was te veel voor mij en dat heb ik dan ook aangegeven. Meteen kreeg ik meer ‘tussenuren’ zodat ik mijn lessen gewoon op school kon voorbereiden). Op andere scholen was dit minder goed geregeld. Ik heb begrepen dat sommige vrijwilligers op andere scholen dezelfde dag pas hoorden welke klassen ze hadden of dat ze bepaalde dagen niet eens hoefden te komen. Dat vraagt om een bepaalde mate van flexibiliteit van vrijwilligers.

Ik heb het enorm naar mijn zin gehad op school. Ik had veel contact met leraressen van primary school en met mijn supervisor en zijn assistente. Ik heb zelfs een bruiloft meegemaakt van de broer van één van de leraressen. Toen ik op mijn laatste dag afscheid ging nemen van alle klassen die ik had gehad, was dat heel moeilijk. Iedere keer een lokaal instappen en uitleggen dat je weggaat zorgt voor 30 verdrietige en teleurgestelde koppies. Ik moest zo’n 20 verschillende klassen langs en iedere keer moest ik me groot houden. Als alle leerlingen uit een klas dan één voor één knuffels komen geven en met je op de foto willen, is dat niet gemakkelijk. Wel was dat voor mij een bevestiging dat ik iets goeds gedaan had.

Tot zo ver mijn project. Ik kan er nog veel meer over vertellen, maar dan wordt het een heel boek en dat is ook weer niet de bedoeling. Naast je project is er namelijk ook een wereld en daar moet ik ook nog wat over zeggen. Je staat op met vrijwilligers en als je thuiskomt zijn er vrijwilligers (ik wilde zeggen ‘… en je gaat naar bed met vrijwilligers’, maar dat leek me niet zo handig). Die mensen helpen je weer op de rit als je het even moeilijk hebt en met die mensen heb je enorm veel plezier. Toen na één maand vrijwel iedereen met wie ik tegelijkertijd was aangekomen weer naar huis ging, was ik bang dat mijn tweede maand nooit zo leuk zou worde als mijn eerste maand. Dat was natuurlijk onzin. Binnen twee dagen had ik nieuwe vrienden gemaakt en mijn tweede maand was nog leuker dan mijn eerste maand. Dit kwam misschien ook doordat ik me meer kon focussen op genieten van alle momenten doordat ik niet meer hoefde te wennen. Bijna iedere avond ging ik samen met andere vrijwilligers de stad in. Even eruit en een smoothie drinken op het dak van een restaurant met uitzicht over Hoan Kiem Lake en/of flink stappen, het kan allemaal en het is maar net waar je zin in hebt.

Jorien Coveen

Met of zonder locals, met of zonder backpackers, alles is mogelijk. Naast de avonden ben je in de weekenden vrij en daar wordt natuurlijk grondig gebruik van gemaakt. Ik had twee maanden de tijd en kon daardoor genoeg de tijd nemen om alles in en om Hanoi te bezoeken, maar de vrijwilligers die maar één maand bleven moesten elk weekend plannen. Ik ben een weekend naar Sapa geweest, ik ben één keer twee dagen en één keer drie dagen naar Ha Long Bay geweest (ja, Ha Long Bay is gaaf), een dagje Perfume Pagoda, een dagje Ninh Binh, een dagje winkelen, een dagje lezen, een dagje zwembad… Je weekenden zitten al gauw vol met leuke dingen. Na mijn twee maanden project heb ik nog drie weken gereisd. Ik ben in m’n eentje van Hanoi via Dong Hoi, Hue, Hoi An, Nha Trang, Dalat en Mui Ne richting Hoi Chi Minh City gegaan, al ben je als backpacker nooit alleen. Dat was MEGA gaaf en ik kan iedereen aanraden om na je placement de rest van het land te verkennen. Ten eerste is het gaaf om de rest van het land te zien nadat je een tijd in een stad in dat land hebt gewoond en ten tweede is het backpackersleven fantastisch. Je komt de meest leuke mensen tegen en niets moet, alles mag.

Al met al was Vietnam voor mij een onvergetelijke ervaring en ik zou het iedereen kunnen aanraden. Wil je meer weten over wat dan ook, vraag dan gerust mijn email adres op bij Projects Abroad.

Jorien Coveen

Dit verhaal is een persoonlijke ervaring van een vrijwilliger op dit project en dus een momentopname. Houd er rekening mee dat jouw ervaring hiervan af kan wijken. Onze projecten veranderen constant, omdat we inspelen op de lokale behoefte en we voortborduren op de behaalde resultaten. Ook verschillende weersomstandigheden kunnen de ervaring beïnvloeden. Lees meer over wat je kunt verwachten van dit project of neem contact met ons op voor meer informatie.

Terug naar de ervaringsverhalen

Vertel jouw vrienden over deze pagina:

Terug naar boven ▲